Home / Malmö Blog / We Are One - Wij zijn ons er eentje
A+ R A-
27 mei

We Are One - Wij zijn ons er eentje

Beoordeel dit artikel
(0 stemmen)

Het motto van Malmö 2013 is "WE ARE ONE", regelmatig komt die slogan terug in de persconferenties. Daarover gaat deze blog, maar eigenlijk over wat anders.

Het valt niet mee als je computer spontaan bedenkt dat er een dikke balk dwars over je scherm heen moet lopen, die ook niet meer weggaat. Ongeacht hoe vaak je opnieuw opstart. Razend irritant als die ook nog eens op 1/3 van je scherm zit en je ‘thuis’ toch al gewend was op een groter scherm te werken. Nu blokkeert die ellendige balk mijn werkveld en allerlei opties in programma’s die ik regelmatig gebruik. Verklein ik het werkscherm dan werkt de layout van het website-opmaak programma weer niet goed. Kortom. Het is even een paar dagen stressen in het perscentrum.

Omdat de laptop minder goed werkt, zou ik van de organisatie een laptop kunnen lenen.Die service bieden de Zweden dus. Maar ja je wil toch werken met je eigen programma’s en instellingen. En dus ben ik iets minder achter de laptop te vinden en meer bij de persconferenties. Die zijn  vanaf de vrijdag na Hemelvaart in een grote hal achter de Malmö Arena. Hier geen kleine relaxte ruimte waar je vroeg moet komen om nog een tafeltje te scoren, maar een formaat zaal waar je ‘U’ tegen zegt. Ik schat zo’n 8 flinke gymzalen in oppervlak. Hier kunnen misschien wel 800 journalisten en fanbloggers tegelijk werken.

Alhoewel… op dag 1 van het nieuwe perscentrum doet het wifi-internet het nog niet. Dus een run op de tafels waar je kabels kan inpluggen. Helaas, naar ding als mijn laptop is de laatste dagen, wil die dus alleen maar op zoek naar wifi in plaats van de info via de kabel binnen te halen. Het vergt wat keihard sloopwerk maar uiteindelijk doet het internet het ook weer op mijn apparaat. Oja die stomme verticale balk weer! Grrrrr.

Nou dan maken we ons wel nuttig bij de persconferenties. Die zijn er in twee soorten. Je hebt ze waarbij een vriendelijke blonde gastvrouw de persconferenties inleidt en vervolgens de zaal in de gelegenheid stelt om vragen te stellen, waarbij zij er voorzorgt dat de artiest alle aandacht lrijgt en mag stralen. Je hebt ze ook die voorgezeten worden door een pinnige van oorsprong Griekse dame die in Zweden een beroemdheid schijnt te zijn, en (dus?) navenant gedrag vertoont door telkens de aandacht niet op de artiest maar op zichzelf te richten.


In beginsel ben ik fan van de blondine. Een vriendelijke, mooie, lange, typisch Zweedse gastvrouw, altijd correct gekleed, welbespraakt en ook nog eens keurig opgemaakt. Met wat politiek correcte woordjes, veel beleefdheden en een goed promopraatje voor Malmö dan wel Zweden als het even kan. Uiterst charmant is ze en ook nog eens -vind ik althans- heel aandoenlijk omdat ze kleurenblind is. Ik hou daar op zijn tijd best van, vooral ook omdat het zo anders is als ik wezen kan.

Want, wat nou omhaal van woorden?! De beuk er in en laten we het even over de inhoud hebben in plaats van een journalist te laten vragen of de artiest diens favoriete Songfestivalliedje wil zingen of dat er nog albummateriaal te verwachten is…  En dus erger ik me aan de andere persconferentie-gespreksleidster, namelijk degene die op mij lijkt, want zo gaat dat.

De andere dame is een wat meer bitchie hostess met harde stem die de artiesten liefst even laat zweten, zelf ook wel van wat aandacht houdt en soms totaal geen aandacht schenkt aan de goed voorbereide journalisten in de zaal die braaf met de hand omhoog een vraag vanuit hun kladblok oplezen, nadat ze zich eerst keurig hebben voorgesteld, wie ze zijn, waar ze vandaan komen en dat ze de bijdrage uit land X geweldig vinden. Ik besluit haar te haten en lief te hebben tegelijk.

Kennelijk begrijpen we elkaar, want zij vind het wel leuk als er wat meer pit uit de zaal komt. Na een eerste pittige kritische vraag, krijg ik vervolgens van de Griekse elke keer de gelegenheid om een vraag te stellen, waarbij ik mij –onwetend (of bewust ontkennend) van de journalisten etiquette – soms wat lomp of flap-uiterig uitdruk. Ik heb maar besloten dat dat ook zijn charme heeft.

En dus kan ik mijn vragen kwijt aan Roemenië (Hou je ons nu voor de gek met dit nummer?), Servië (Waarom draagt de duivelin opeens babykleertjes? Ontslaan, die mode-ontwerper!), Armenië (moeten we nu op een land of op een lied stemmen? En wat is waar van SIM-kaarten uitdelen in Almelo aan de Armeense gemeenschap?) en de Belgische componist Marc Paelinck van het gedateerde Witrussische nummer (Heb je nog meer liedjes op de plank liggen voor bijvoorbeeld Montenegro?).

Het is misschien niet helemaal zo het hoort, maar lokt wel elke keer een reactie op waar ik iets mee kan. De Roemeense delegatie-leider wordt kribbig en zegt dat niemand het lied van Cezar kan zingen. De Griekse hostess daagt de zaal uit en omdat ik de microfoon toch in mijn hand het pers ik er wel even een ‘It’s my life’uit, tot ongenoegen van de delegatieleider, oogst ik een compliment van de arrogante Cezar en wordt zelfs afgescheept met een Roemenië-Eurovisie-T-shirt. Vakkundig afgeserveerd heet dat. Maar ik waardeer het wel.

De Servische delegatieleider ziet zijn perfect voorbereide persconferentie ook de mist in gaan. Hij had zojuist Maria Sereftovic uit de hoed getrokken, komt die nare Nederlander met zijn vervelende vraag over de kleding van de meisjes. Hij krijgt nog applaus uit de zaal ook van de andere journalisten! Achteraf maak ik nog een praatje met de man die de mode-ontwerper bleek te zijn en die blijkt het juist helemaal niet vervelend te vinden dat ik kritisch ben. Ik krijg een gulle ach en schouderklopje als ik mij verontschuldig dat ik per ongeluk en net iets te spontaan ‘Fire him’ riep.

De Armeense delegatieleider zegt uiteindelijk onomwonden, dat er altijd op het land gestemd moet worden als je daar vanuit ge-emigreerd bent. “Do not vote for your own country”, hebben ze in Yerevan nog niet goed kunnen vertalen. Sterker nog na de persco komen er twee grote meneren naar mij toe die tegen mij beginnen te blaffen en verhaal komen halen. Datzelfde overkwam mij bij de Roemenen ook al. Hoewel  Cezar het weinig leek te deren, moest ik mij bij sommigen achteraf toch wel even verantwoorden.  Ook de Belgische componist is in zijn wiek geschoten. Als door een wesp gestoken reageert hij op mijn bewust zo neutraal mogelijk gestelde vraag.  De rebel in mij vind dat stiekum toch erg grappig. De voorzitter van OGAE-Andorra die ook Armeen is komt ook even hoor-en-wederhoor-toepassen na mijn actie maar verlaten bevriend de persruimte.

Ook de Griekse hostess, die ik toch even consulteer met de vraag of ik niet al te kritisch ben, omdat andere journalisten mij er op aanspreken, moedigt mij vooral aan om door te gaan met mijn stekelige vragen. Pas achteraf begrijp ik dat zij een soort Sonja Barend van de Zweedse TV is en voel ik mij stiekumpjes wel een beetje vereerd, dat zij blij was met mijn bijdragen.

Met de nodige zelfspot (want daar houden Zweden ook van) ben ik dus ook maar heel erg tevreden over deze bijdrage, die net als bij de van origine Griekse hostess, eigenlijk helemaal niet over anderen ging, maar lekker over mezelf. WE ARE ONE , wij zijn ons er eentje!

Laatst gewijzigd op: maandag 27 mei 2013 22:45