Home / Baku Blog / Geland in Baku
A+ R A-
18 mei

Geland in Baku

Beoordeel dit artikel
(2 stemmen)

Deel 1:  Waar ben ik nu in beland?


Het is Bakı, met een i maar zonder puntjes. In het Engels wordt dat Baku. Het is hier hectisch! Allemaal journalisten net als ik! Oké, sommigen zijn ietwat meer ervaren dan deze bouwtechnisch adviseur. Ik ben hier vooral om ervoor te zorgen dat jullie er toch ook een beetje bij zijn en tegelijkertijd ook om te zorgen dat je het ook weer niet erg vindt dat je er niet bij bent. Dat is nog best een lastige opgave. Weet je, ik schrijf maar gewoon wat ik meemaak.

Via een omweg ben ik hier terecht gekomen. Vliegticket-technisch was het nog een heel gepuzzel, maar uiteindelijk een goedkope vlucht van Amsterdam via Riga (Letland en een overnachting en dus een mini-city-trip) naar Baku met een Letse vliegmaatschappij. Opvallend in het vliegtuig, de alcohollucht. Opvallend in Baku, de geur van olie die op de Kapsische zee drijft. Zwembroek blijft in de koffer ben ik bang.

 

Veel schone schijn. Ook ik de nacht, want praktisch elk gebouw langs de grote wegen is verlicht alsof het een monument betreft. De straten zijn brandschoon en overal hangen banners met daarop ‘Light your fire’. Er rijden zelfs Engelse taxi’s rond met hetzelfde vlammende logo van ESC Baku 2012.

Taxi's met logo

 

Taxitroubles

Tot dan toe bevalt Baku prima. Ook al was de vooraf al bestelde taxi(chauffeur) niet op het vliegveld te bekennen. Althans niet met mijn naambord.  Er dringt een taxichauffeur zich aan mij op. Ik wil ‘m niet en loop naar de apart ingerichte Eurovisie-helpbalie. Daar verstaat gelukkig één van de twee werknemers mij wel een beetje. Ze bellen met mijn Azerbeidzjaanse contact om te vragen waar de taxi heen gestuurd moet worden. Ik vermoed dat de irritante taxichauffeur die nog altijd om me heen hangt maar wat graag de rit wil doen. En ik kan niet voorkomen dat de helpdesk hem in mijn mik schuift.

 

Ik ben niet gek en wil hem op de kaart laten aanwijzen waar het is, als controle, maar hij weet het niet. Ik weet dat de nachtelijke rit niet meer dan 30 manat (ongeveer 30 euro) mag kosten en wil de prijs tevoren vastleggen. 30 Manat is akkoord, maar we zijn het vliegveld nog niet af of de hij begint al ’40 good, 30 no good’ Ik heb meteen spijt dat ik niet op 20 begonnen ben en bedenk dat ik 30 al meer dan prima vind en opeens even gebrekkig Engels spreek en bovendien geen geld bij me heb en dus moet pinnen. Bij een bankomat op kniehoogte pin ik exact met bonnetje 30 manat. De chauffeur begint te zuchten als we bij de binnenstad komen dat die afgesloten zou zijn en moet omrijden. Ik geloof hem niet, want de litanie van ‘40 good, 30 no good’ ben ik zat. Er wordt nog drie keer gebeld met de appartementhouder en uit het Russisch maak ik op dat hij om de locatie rondjes aan het rijden is en het straatje niet kan vinden. Uiteindelijk kom ik om 2:45 ’s nachts aan en wil de taxichauffeur 40 manat hebben. Voor iemand die wederom mij niet eens helpt mijn 3 koffers te dragen begint hij me de keel uit te hangen. Ik wil trouwens ook eerst zeker weten dat ik op het juiste adres wordt afgezet, dus eens kijken of er open gedaan wordt. Uiteindelijk gaat de taxichauffeur zogenaamd verontwaardigd weg met 30 manat en mijn pinbewijs. Ik duik meteen mn bed in. Morgen gaat om 8 uur de wekker om richting perscentrum te gaan.

 

 

De Crystal Hall en het perscentrum

Met 3 Nederlandse songfestivalcollega’s deel ik een flat op het randje van de oude stad. Baku is hier warm, bijna heet. Gelukkig is de persruimte airconditioned. Bij de ingang naar de Crystal Hall aangekomen wacht een lange wandeling door de hitte. Eerst de perskaart ophalen (in 1 minuut geregeld) daarna moet ik om de hal heen lopen naar het perscentrum. Veiligheidscheck bij de entree.

 

1-perskaartophalen1-hal1-perscentrum1-pigeonholes

Daar door de beveiliging gekomen, wacht een lange balie, met daarachter de beroemde ‘pigeonholes’. De postvakjes van alle journalisten. Ik heb pigeonhole nummer 1401. Dat nummer moet ik achter op mn visitekaartje zetten om promomateriaal te ontvangen. Ha! Ik heb niet eens visitekaartjes voor de website. Wel van m’n werk. Na twee persconferenties merk ik dat het niet uitmaakt, desnoods schrijf je je naam achterop een boodschappenbriefje dan wordt dat vakje gevuld met een singletje van Griekenland of IJsland.

 

De repetities

We zijn erg vroeg de repetities van vandaag zin nog niet begonnen. De repetitie van Montenegro wordt mijn vuurdoop. Op een groot scherm in de persruimte kun je alles volgen wat er op het podium gebeurt. Elke rehearsal bestaat uit 5 maal een doorloop van de act. In de eerste ronde is het geluid en belichting al afgestemd. Vanaf nu gaat er gefinetuned worden. Je kunt ook in de zaal kijken en tot op een afstand van zo’n 50 meter van het podium. Er wordt de hele tijd heen en weer gerend door journalisten van hot naar her. Aan het begin van de dag is dat nog wel te doen, maar als ook de persconferenties beginnen wordt het kiezen tussen 3 of 4 soms 5 locaties waar je tegelijk wilt zijn. Ik voel me een kind in de snoepwinkel!

 

De persconferenties

Ik heb al snel door dat de persconferenties weinig nieuwe informatie opleveren en kritische vragen eigenlijk niet gesteld worden. Zo’n persconferentie is nogal standaard. Een gastheer kondigt de artiesten aan er komen wat plichtmatige vragen, dan mogen journalisten een vraag stellen. Meestal zijn dat nogal dommige vragen of de artiest nog een ander liedje wil zingen etc. Sommige journalisten maken er een sport van om slijmerige vragen te stellen die ook nog eens onverstaanbaar zijn. De artiest of de tolk verstaat hem dan niet en dan volgt een standaard PR-praatje. Na twintig minuten plichtplegingen gaan de artiesten op een podiumpje staan zodat er foto’s gemaakt kunnen worden. Iemand van de delegatie neemt visitekaartjes in en die persoon is eigenlijk het populairste, want daar kun je soms ook uitnodigingen scoren voor feestjes.

 

Sommige persconferenties wijken wel af. Natuurlijk die van Jedward ook. Hun manager had het weer slim bedacht. ‘Never a dull’ moment was duidelijk het uitgangspunt van de persconferentie. Wellicht om te voorkomen dat er vragen over de zang zouden komen. De persconferentie kreeg een Nederlands tintje. Sipke Jan Bousema hier journalist voor Out-TV kreeg de jongens van Jedward zo ver dat ze Joan Franka promoten met een oranje indianenpruik. Smart move, omdat Jedward sowieso de aandacht krijgt. De camera’s zoemden enorm met John (of is het toch Edward?) die de hoofdtooi opdeed. Mogelijk dat Joan iets kan meeliften op deze PR.

 

 

wordt vervolgd....  

Laatst gewijzigd op: maandag 21 mei 2012 18:40

Gerelateerde artikelen (op tag)

Meer in deze categorie: Openingsparty »